ONS ADRES
Bezoekadres
Landbouwweg 1
3241 MV Middelharnis
Openingstijden
maandag t/m donderdag van 8.00 tot 17.00 uur
vrijdag van 8.00 tot 12.00 uur
Postadres
Postbus 98
3240 AB Middelharnis
Telefoon
Fax
E-mail
0187-471071
0187-487477
info@woongoedflakkee.nl
Tips
Centrale verwarming/moederhaarden
Bij woningen met een individuele cv (met een eigen ketel in de woning) of combi-ketel (cv met warm water) betaalt u maandelijks aan het energiebedrijf een voorschotnota. Eén keer per jaar vraagt het energiebedrijf of u uw tellerstanden voor het energieverbruik wilt noteren en opsturen. Op basis van deze gegevens ontvangt u jaarlijks de afrekening energieverbruik.
Bij woningen met een gezamenlijke cv kunnen verbruikmeters, zoals verdampings- of doorstroommeters geplaatst zijn. Eén keer per jaar wordt de stand van de meter(s) opgenomen, waarna u van Woongoed Flakkee de afrekening energiekosten ontvangt. Bij collectief verwarmde woningen zonder verbruiksmeters worden de stookkosten samen met de andere servicekosten verrekend via een omslagsysteem.
Onderhoud cv
De ketel wordt onderhouden door of namens Woongoed Flakkee, zowel bij de individuele cv als de gezamenlijke cv. Bij storingen kunt u Woongoed Flakkee bellen: 0187-471070.
Voor een goed onderhoud van de cv en de radiatoren gelden de volgende richtlijnen:
Om bevriezing van de leidingen bij strenge vorst te voorkomen, bevelen wij u aan alle radiatorenkranen één slag open draaien en de thermostaat niet te laag te zetten (bijvoorbeeld 15 º C). Als u op vakantie gaat, kunt u de thermostaat het beste op ongeveer 5 º zetten, dus niet helemaal uitzetten.
Om roest te voorkomen, kunt u beter geen nat wasgoed op de radiatoren hangen.
Voor woningen met een individuele cv geldt bovendien dat:
U de stekker van de cv-ketel nooit uit het stopcontact mag halen, tenzij zich zeer bijzondere situaties voordoen. De pomp in de ketel moet af en toe kunnen draaien. Als u ’s zomers de kamerthermostaat zo laag mogelijk zet, is dat voldoende.
Als de cv-ketel in een bergkast binnenshuis staat, mag u in deze kast nooit brandbare spullen zoals verf en terpentine opslaan.
Leidingen in de vloer
Bij een aantal woningen (vaak nieuwbouw) liggen de aan- en afvoerleidingen van de cv-installatie (voor een deel) in de vloeren van de woning. Om beschadiging aan leidingen en lekkages te voorkomen, mag u nooit in de vloeren boren of spijkeren. Als er geen leidingen langs de muur of het plafond lopen, kunt u er vanuit gaan dat deze in de vloer liggen.
Ontluchten (alleen van toepassing op woningen met een individuele cv)
Luchtbellen in leidingen en/of radiatoren kunnen het goed functioneren van de verwarming verstoren. Als u een borrelend geluid hoort of als een radiator slechts gedeeltelijk warm wordt, kan het nodig zijn dat u de installatie ontlucht. U moet hiervoor de volgende handelingen verrichten:
- Zet de thermostaat in de woonkamer op de laagste stand.
- Trek de stekker van de cv-ketel uit het stopcontact.
- Draai alle radiatorkranen helemaal open.
- Wacht ongeveer 10 minuten; draai de radiatorkraan van de te ontluchten radiator dicht tijdens het ontluchten.
- Draai met het ontluchtingssleuteltje één voor één alle ontluchtingskraantjes van de radiatoren open en weer dicht als er een waterstraaltje uitkomt (neem een doekje mee, er kan vuil water uit de kraantjes komen). In sommige woningen lopen de leidingen langs het plafond. Ook hier kan een ontluchtingskraantje zitten.
- Controleer nu de waterdruk op de meter bij de vulkraan. Is deze lager dan 1,5 bar, dan moet u het water bijvullen.
Waterdruk (alleen van toepassing voor woningen met een individuele cv)
De waterdruk moet in koude toestand minimaal 1,5 bar zijn. Als de waterdruk lager is, dient u het water bij te vullen. De meter waarop u dit kunt aflezen, zit vlakbij de vulkraan (in de douche of bij de ketel).
Als u het water moet bijvullen, moet u de volgende handelingen verrichten:
- Trek de stekker van de cv-ketel uit het stopcontact. Zet de thermostaat in de woonkamer op de laagste stand en laat de installatie helemaal afkoelen.
- Draai alle radiatorkranen helemaal open.
- Sluit de vulslang aan op een kraan in de buurt van de cv-installatie.
- Sluit de vulslang daarna losjes aan op het vulpunt van de cv.
- Laat de vulslang vol met water lopen totdat alle lucht eruit is (anders brengt u weer lucht in de installatie). Draai de vulslang nu strak aan op het vulpunt.
- Draai de waterkraan ruim open en draai daarna de kraan op het vulpunt van de cv open.
- U ziet het wijzertje van de manometer oplopen. Als het wijzertje op 1,5 bar staat, sluit u eerst de kraan op het vulpunt. Daarna doet u de waterkraan dicht.
- Ontlucht nu de gehele installatie (zie ‘ontluchten’).
- Controleer de druk op de meter bij het vulpunt. Is deze weer lager dan 1,5 bar, dan nogmaals water bijvullen tot de druk minimaal 1,5 bar is (maximaal 2 bar bij een warme installatie).
- Controleer of de kraan op het vulpunt en de waterkraan dicht zijn.
- Haal de vulslang van het vulpunt van de waterkraan.
- Steek de stekker van de cv-ketel in het stopcontact en zet de kamerthermostaat op de door u gewenste temperatuur.
- Controleer of de ketel gaat branden en alle radiatoren warm worden.
Vergeet tot slot niet de radiatorkranen weer dicht te draaien. Als de waterdruk (weer) snel daalt, kan er ergens een lek zitten of is er een defect aan het expansievat. Controleer dit en meldt het vervolgens als reparatieverzoek.
Storingen
Indien zich individuele cv storingen voordoen, kunt u eerst zelf de volgende zaken controleren:
- Is de gaskraan open?
- Brandt de waakvlam?
- Zit de stekker in de het stopcontact?
- Is er een stop doorgeslagen?
- Staan de radiatoren open?
- Zit er lucht in de leidingen?
- Is de waterdruk goed?
Bij sommige ketels kunt u op het indicatielampje zien welke storing het betreft. Met behulp van de bijgeleverde storingswijzer kunt u dan wellicht storing verhelpen.
Als u de storing niet zelf kunt verhelpen, dan kunt u dit melden als reparatieverzoek.
Gaskachels
Voor woningen die verwarmd worden door gaskachels geldt het volgende:
De leidingen tot aan de gaskranen worden onderhouden door het energiebedrijf. De overige leidingen en gaskachels dient u zelf aan te (laten) leggen en te onderhouden. Meestal zijn de leidingen al in de woning aanwezig, omdat ze zijn aangelegd door vorige bewoners. U bent dan verantwoordelijk voor de gasdichtheid van de leidingen. Woongoed Flakkee laat dit éénmalig, voordat u de woning betreedt, controleren.
- Een combi-ketel (cv en warm water)
- Een geiser
- Een boiler (elektrisch)
Combi-ketel
Een combi-ketel verzorgt zowel de centrale verwarming als het warme water. Het warme water heeft voorrang boven de centrale verwarming. U kunt dus altijd direct over warm water beschikken. Als u warm water tapt, gaat de verwarming tijdelijk uit! De afrekening energiekosten ontvangt u van het energiebedrijf. Storingen kunt u melden bij Woongoed Flakkee.
Geiser of boiler
Wanneer in de woning geen warmwatervoorziening aanwezig is, kunt u een geiser of boiler huren bij het energiebedrijf. De huur van het apparaat en de afrekening van het gas- en waterverbruik betaalt u aan het energiebedrijf via de maandelijkse voorschotnota. Storingen kunt u melden bij het energiebedrijf.
Het is van belang om kamers, waar mensen langere tijd aanwezig zijn (bijvoorbeeld de woonkamer en slaapkamers) goed te ventileren door de ventilatieschuiven of klepramen te openen of een raam op een kiertje te zetten (om inbraak te voorkomen, moet u ’s nachts en als u de woning verlaat alles wel goed afsluiten). Daarnaast is het van belang dat u uw woning regelmatig goed lucht. De beste manier om te luchten is door uw ramen voor en achter gedurende een half uur tegen elkaar open te zetten. Om onnodig energieverlies te voorkomen, kunt u van tevoren de thermostaat laag zetten. Luchten is even belangrijk als ventileren. Dit geldt voor alle woningen en met name voor goed geïsoleerde nieuwbouwwoningen.
Mechanische ventilatie
Sommige woningen zijn voorzien van individuele of centrale mechanische ventilatie. Hierbij wordt via een afvoerkanaal vuile en vochtige lucht uit keuken, douche en toilet automatisch afgezogen. De aanvoer van verse lucht vindt plaats via de ventilatieroosters en/of klepraampjes in de kozijnen.
Hoe regelt u de individuele mechanische ventilatie?
De bedieningsknop voor de mechanische ventilatie zit meestal in de keuken. U kunt de mechanische ventilatie op twee en in sommige woningen op drie standen zetten:
- Normale afzuiging
- Extra afzuiging, bijvoorbeeld bij koken en douchen
- Minimale afzuiging, bijvoorbeeld als nachtstand (deze stand is niet overal aanwezig)
Alleen in geval van nood (bijvoorbeeld bij een milieuramp) kan het nodig zijn dat u de ventilatie-installatie moet uitschakelen. Omdat in de meeste woningen de stekker van de ventilatie-unit niet zomaar bereikbaar is, moet u hiervoor de hoofdschakelaar in de meterkast uitschakelen.
Voorschriften bij gebruik
U kunt de afzuigventielen van de mechanische ventilatie zelf schoonmaken door ze met een doekje af te nemen. U kunt ze er ook uithalen door ze voorzichtig naar voren te trekken. Let u er dan wel op, dat u ze weer op de oorspronkelijke plaats terugzet (nooit meerdere ventielen tegelijk verwijderen). De ventielen zijn namelijk verschillend afgesteld, afhankelijk van de hoeveelheid lucht die in de ruimte moet worden afgevoerd.
Het is niet toegestaan om een wasdroger op de mechanische ventilatie of een natuurlijk ventilatiekanaal aan te sluiten. Wilt u een wasdroger aanschaffen, neem dan een condensdroger. Daarbij is afvoer van lucht niet nodig. Heeft u een gewone droger, voer dan de vochtige lucht af met een slang rechtstreeks via een raamopening naar buiten.
Er mag alleen een wasemkap zonder motor op de mechanische ventilatie worden aangesloten. Een wasemkap met motor ontregelt het ventilatiesysteem volledig. In de keuken is voor een wasemkap vaak een tweede afzuigopening aanwezig. Indien u een wasemkap met motor wenst in een woning met mechanische ventilatie, dan is een zogenaamde recirculatiekap de enige goede oplossing. Voor het aansluiten van de apparatuur dient u vooraf een vergunning aan te vragen bij onze corporatie.
Voor meer informatie kijk op vrom.nl
- Kijk in de meterkast welke groep is uitgevallen (de zekering is bij deze groep doorgeslagen). Als in uw woning ook een aardlekschakelaar zit, is ook deze uitgeschakeld.
- Haal alle stekkers uit de diverse wandcontactdozen, die op deze groep zijn aangesloten.
- Vervang de gesprongen zekering.
- Schakel de groepsschakelaar (en eventueel de aardlekschakelaar) weer in.
- Stop de stekkers één voor één weer in de wandcontactdozen. Schakel de zekering (en de aardlekschakelaar) bij een bepaalde stekker zichzelf weer uit, dan is het apparaat dat bij deze stekker hoort niet in orde.
Bediening aardlekschakelaar
De aardlekschakelaar verhoogt de veiligheid van de elektrische installatie. Het doel van de schakelaar is om bij eventuele kortsluiting zeer snel de spanning uit te schakelen. De knop van de aardlekschakelaar moet altijd in de bovenste stand of op stand 1 staan.
Om te controleren of de aardlekschakelaar nog werkt, is het aan te bevelen één keer per jaar de aardlekschakelaar uit en aan te zetten (testknop indrukken).
Onderhoudstips
- Het schoonmaken kan in bijna alle gevallen met een vochtige doek en een normaal schoonmaakmiddel (allesreiniger) gebeuren.
- Gebruik nooit een schoonmaakproduct met schuurmiddel.
- Gebruik nooit een bijtend of oplossend schoonmaakmiddel.
- De zwarte rubberprofielen bij aluminium en kunststof kozijnen geven af bij gebruik van spiritus.
- In ramen, deuren en kozijnen mag u niet boren of spijkeren.
Schilderen van kozijnen aan de binnenzijde
Alleen houten en stalen ramen en kozijnen kunt u schilderen. Aluminium en kunststof ramen en kozijnen mag u niet schilderen.
In sommige woningen zijn de houten kozijnen geschilderd met milieuvriendelijke verf op waterbasis. Wanneer u de binnenkant van de kozijnen en deurposten zelf wilt verven, adviseren wij u om met verf op waterbasis te werken. Dit is niet alleen vanwege het milieu, maar ook omdat er op verf op waterbasis niet zonder meer een andere verfsoort kan worden aangebracht.
Zijn de kozijnen geschilderd met verf op basis van terpentijn, dan kunt u zowel verf op waterbasis als verf op basis van terpentijn gebruiken. Stalen kozijnen kunt u met metaalverf schilderen.
Glas
- Plak geen stickers of posters op de ramen
- Zorg ervoor, dat nooit plaatselijke verhitting ontstaat: richt geen spotjes op het glas.
Isoleren
Leidingen en kranen in ruimtes waar niet wordt gestookt, kunt u het beste tegen bevriezing beschermen door ze in te pakken met isolerend materiaal. U kunt hiervoor oude doeken of kranten gebruiken, maar bij diverse ‘Doe-het-zelf’ zaken is ook pasklaar schuimplastic verkrijgbaar. Op plaatsen waar u in de winter geen water nodig heeft, bijvoorbeeld bij een buitenkraan, kunt u de leidingen het beste aftappen.
Mocht het toch misgaan, dan biedt een föhn uitkomst. Die is handig te gebruiken om de leiding te ontdooien. Zet de kraan van de bevroren leiding helemaal open en verwarm de leiding vanaf het begin van de kraan. Werk terug langs de leiding tot de kraan begint te druppelen. Door de föhn voortdurend heen en weer te bewegen, kan de leiding niet oververhit raken. Door oververhitting kunnen scheurtjes ontstaan of kan de leiding uit de verbinding schieten. Is slechts een klein stukje leiding bevroren, dan kunt u het ook zonder föhn stellen. Op de bevroren plaats slaat u een doek om de leiding. Wanneer u daar vervolgens heet water over giet, loopt het water snel weer door.
Woningen zonder centrale verwarming
Bij woningen zonder cv is het raadzaam bij strenge vorst de waterleiding af te tappen, de hoofdkraan af te sluiten en alle kranen, inclusief het aftapkraantje open te draaien. Omdat er nog wel eens ‘waterzakken’ in de leidingen blijven hangen, is het verstandig om daarna enkele malen flink op de bovenste kraan van het huis te blazen. Ook in deze woningen is het verstandig de waterleiding bij koude muren en tochtplekken te isoleren.

